De geschiedenis van mijn kaalheid

De geschiedenis van mijn kaalheid, volgens regisseur Elles Pleijter.
Dat boek gaat over schaamte. Dat boek gaat over oedipuscomplexen, identiteit en gierende hormonen, maar bovenal over schaamte. Ik las dat boek en dacht: dat ken ik. Ik ben niet kaal, niet van het mannelijk geslacht, ik ben niet in opgegroeid in Wenen en ook niet in Amsterdam. Ik ben opgegroeid op de Veluwe en daar weet je wat schaamte inhoudt voordat je eerste luier verwisseld is. Op de Veluwe moet je je fantasie gebruiken voor alles wat er niet mag zijn, maar waarvan je het vermoeden hebt dat het ergens toch bestaat. Neem nu de voortplanting van de mens, die bladzijden van mijn biologieboek waren dichtgeplakt door de leraar. En met geen mogelijkheid los te krijgen. Het heeft jaren geduurd voordat ik begreep dat voortplanting en sex hetzelfde was. En dat het ook nog lollig kon zijn.

Voor de eerste keer sex. Is er iemand die die eerste keer vergeet? Hoe goed je dat voorbereidt, met de juiste kleren, de juiste hoeveelheid reukwater, het juiste ondergoed, de juiste plaats van handeling en tenslotte de juiste beveiliging? En is er iemand bij wie het volgens plan verliep?

Sommige mensen leren hun schaamte te overwinnen. Jammer. Schaamte is een goede remedie tegen doorgeschoten egocentrisme, emotiediarree en tangaslips. Ik dacht: ik ga dat boek bewerken. Dat boek moet in het theater. Zodat een zaal vol mensen zich samen herinnert hoe het ook alweer is om je te schamen.

Elles Pleijter


Marek van der Jagt. Opgegroeid in Wenen. Een passie voor filosofie. Geslagen, maar niet vérslagen door Het Noodlot.
Ontmoet hem in de theaterbewerking van Toetssteen!
Herken hem, in gevecht met zijn krankzinnige familie!
Beklaag hem, na zijn afgang met twee geile Luxemburgses!
Gun hem zijn gerontofiele gevoelens en de ruïne waarin hij begraven wil worden!

Marek over zijn levensdoel:
Ik moet alles onthouden. Als ik alles onthoud weet ik wat de amour fou is en als ik weet wat de amour fou is dan kan ik dat later in praktijk brengen. Het is net als met autorijden, tussen het theorie- en praktijkexamen moeten een paar weken zitten. Dat is beter voor de veiligheid.

Marek over zijn ouders:
Mama is een vrouw die soms vergeet dat ze kinderen heeft, maar als je daarmee rekening houdt, is ze een hele goede moeder.
Papa beschouwt ongeluk als een ziekte waarvoor nog geen medicijn is uitgevonden.


De Marek-mystificatie
door Henk van Gelder

Marek van der Jagt is Arnon Grunberg is Marek van der Jagt. De winnaar van de Anton Wachterprijs voor het beste romandebuut van het jaar 2000 blijkt dezelfde te zijn als de winnaar van de Anton Wachterprijs van 1994, zo werd gisteren in deze krant aannemelijk gemaakt. Het pas verschenen De geschiedenis van mijn kaalheid van Van der Jagt, waarover door critici waarderend is opgemerkt dat de stijl aan die van Grunberg doet denken, is geschreven door Arnon Grunberg. En tussen de schrijvers Marek van der Jagt en Arnon Grunberg, die elkaar deze zomer op de opiniepagina van NRC Handelsblad in de haren zaten over de rol van de schrijver in het huidige tijdsgewricht, blijkt in werkelijkheid dus ook geen enkel verschil te bestaan. Laat staan een verschil van mening.

Nu is de vraag alleen nog of een mystificatie ook geslaagd is als er sprake is van een snelle onthulling.

Grunberg staat in elk geval in een traditie die er zijn mag. In zijn bundel De verlakkers (1991) stelt Wim Zaal vast, dat de eerste Nederlandse mystificatie uit 1885 dateert. Willem Kloos, Albert Verwey, Jan Veth en Frederik van Eeden - jong en opstandig - schreven toen onder de naam Julia een epische vertelling in verzen, bedoeld als parodie op de ronkende rijmelaars van de negentiende eeuw, maar door de niet-ingewijde uitgever in volle ernst op de markt gebracht en ook vol lof ontvangen door de critici. Toen die oogst binnen was, rukten de vier Tachtigers zichzelf schaterlachend het masker af. Baarlijke wartaal was door de recensenten beoordeeld als prachtige poëzie, hoonden ze in De Nieuwe Gids: "Zij zeggen van een troep idiote verzen, dat het een bijzonder fraai gedicht is."

Het onderuithalen van critici, om aan te tonen hoe beïnvloedbaar hun meningen zijn, is telkens een belangrijke drijfveer van de mystificeerders geweest. Zo bracht Herman Heijermans in 1893, na slechte kritieken voor eerder werk, zijn stuk Ahasveros uit onder een Russische naam. De opzet slaagde: zijn alter ego werd prompt gezien als een belangrijk toneelschrijver. Ook toen ontmaskerde de falsificateur zichzelf. Sliep uit!

Volgens hetzelfde procédé stuurde de dichter Hendrik Marsman in 1932 enig quasi-revolutionair maakwerk naar het blad Links Richten onder het pseudoniem S. Waas. Toen de inzending werd geplaatst, was voor Marsman bewezen dat de redactie niet in staat was kwaliteit van flauwekul te onderscheiden. En ook in de naoorlogse geschiedenis wemelt het van de verlakkers: pater Anastase Prudhomme S.J. alias W.F. Hermans, pater L. Pennings O.P. en drs. B. Langeveld alias de uitgever Jeroen Koolbergen, ir. Schuringa alias Martin van Amerongen, maar niet de schotschriftschrijver Mohammed Rasoul, want alleen Teun A. van Dijk, hoogleraar tekstwetenschap, hield bij hoog en bij laag vol dat Gerrit Komrij de ware auteur van De ondergang van Nederland moest zijn.

Uit al die voorbeelden dringt zich deze conclusie op: de beste mystificatie eindigt met de knal, die door de valsemunter zelf wordt veroorzaakt. Grunberg is voortijdig ontmaskerd; niet door zichzelf, maar door de krant. Maar gezien die Anton Wachterprijs is hij de eredivisie der vervalsers al heel dicht genaderd.


Ein abend mit Marek van der Jagt

Foto's van 'Ein abend mit Marek van der Jagt' dat op 23 oktober 2002 werd gehouden in het Goethe instituut. De schrijver kwam uit eigen werk voorlezen, waaronder de Kaalheid en theatergroep Toetssteen droeg bij door een theatrale lezing te verzorgen van van een scène. Grappig is dat Arnon uit de Kaalheid hetzelfde hoofdstuk las dat wij hadden voorbereid als scène, zonder dat dit afgesproken was. Met dank aan Reinjan Mulder (uitgeverij De Geus). Foto's: Ton Lagerweij

kan hiet vergroot worden

kan hiet vergroot worden


Foto's: Harry van Zon


Medewerkers

Marek 1: Peter Slort
Marek 2: Aike Rots
Moeder: Marieke Uildriks
Vader/Amerikaanse barman/ma Oertel: Haiko van der Pol
Daniel/minnaar/Georgi/klant/Szlapka: Marco Meurs
Pavel/chinese ober/winkelier/badmeester: Erris van Ginkel
Eleonore/Andrea: RENATE BERGSMA
Milena/barvrouw/hotelreceptioniste: Roos Schlikker
Mw. Blumenthal/cafézangeres: Marijke van Iperen
Mica/Max/Bettina/Bine Oertel: Marijke van der Velden
Ober/Otto/Hirschfeld/oude man/Hobmeijer: Fred Greebe

Regie en bewerking: Elles Pleijter
Regie-assistentie: Harry van Zon
Productieleiding: Kaj Madsen
Coördinatie: Roel Steinvoorte
Bewegingsadviezen: Boy Hazes
Vormgeving en kostuums: Shiri Eshar
Uitvoering kostuums: Josje Timmers
Lichtontwerp: Marco Mulder
Uitvoering licht: Nic Limper
Uitvoering muziek en geluid: Rico Tijsen
Technische bijstand en beheer: Ben Hansen